Verenigingsmanagement

- Commercieel Verenigingsmanagement
- Verenigingsondersteuning
- Interim Management
- Project begeleiding
- Contributie en toegevoegde waarde
- Vinden, binden en boeien van leden
- Lobby, ledenservice en belangenbehartiging
- Zingeving (MVO, hart van de vereniging, emotionele binding)

 
 

Commercieel Verenigingsmanagement:
Het vinden van nieuwe leden voor een vereniging wordt vergemakkelijkt als duidelijk is voor de potentieel nieuwe leden wat het voordeel van het lidmaatschap is. Dit kan zo concreet mogelijk gemaakt worden door meer financiële toegevoegde waarde te bieden dan het lidmaatschap kost. De niet-materiële toegevoegde waarde (lobby, belangenbehartiging)  wordt dan als "extra" beschouwd en maakt de vereniging minder afhankelijk van het politieke klimaat.
Het juist balanceren tussen de belangen van de leden, de politiek, de dienstverlening en de zingeving van de vereniging is noodzakelijk om geloofwaardigheid naar alle partijen te behouden en als betrouwbare partner te kunnen functioneren.

(Geld verdienen zonder je ziel te verkopen is één van mijn uitgangspunten)

Verenigingsondersteuning:
Na ruim 18 jaar bij een brancheorganisatie gewerkt te hebben en een aantal reorganisaties meegemaakt te hebben, beschikken we over een brede kennis van branche- en beroepsorganisaties. Het vinden, binden en boeien van leden, het bieden van toegevoegde waarde, het behartigen van belangen, maar bovenal ook benchmarken, samenwerken en voordeel uit de collectiviteit genereren vergroten de binding onder de leden.
Ondersteuning kan worden geboden op vele terreinen en kan, na hierover duidelijke afspraken gemaakt te hebben op projectbasis, op interim-basis of op termijnbasis ter ondersteuning van uw eigen verenigingsmedewerkers.

 

Toegevoegde waarde als Branche-organisatie
(gebaseerd op “Race for Relevance” van Harrison Coerver en Mary Beyers)
Om als Branche-organsiatie van belang te kunnen zijn voor (potentiële) leden moet je aan een aantal voorwaarden voldoen en rekening houden met overwegingen van je (potentiële) leden:


1) TIJD: (potentiële) leden hebben het druk. Zij hebben alleen tijd voor iets wat zij als waardevol beschouwen. Zorg daarom altijd voor inhoudelijk goede en noodzakelijke bijeenkomsten en vergaderingen.
2) WAARDE: Bied “waarde” voor het geld en de tijd die de (potentiële) leden vrijmaken voor de bijeenkomst of het lidmaatschap.
3) VERENIGINGSMARKT: We zien steeds meer dat er een verschuiving plaatsvindt van grootschaligheid naar specialisatie (meerdere kleine verenigingen); hiermee wordt de herkenbaarheid voor het individuele lid vergroot.
4) GENERATIEVERSCHILLEN: Daar waar vorige generaties als uitgangspunt hadden “zich verenigen” en “vrijwilligerswerk” wordt nu steeds meer gekeken naar de “verhouding tussen inspanning en opbrengst”.
5) CONCURRENTIE: Er zijn tegenwoordig meer organisaties die (deels) hetzelfde doen dan alleen de bestaande verenigingen (certificering, advies, inkoop, belangenbehartiging).
6) TECHNOLOGIE en AUTOMATISERING: Internet, Sociale Media, Online producten en diensten, netwerken, inkoop- en kennisplatforms bieden veel dat u vroeger als toegevoegde waarde voor uw organisatie zag.

 

Waar liggen nog grote kansen ?
Om als Branche-organisatie toegevoegde waarde te blijven leveren moet je je meer verplaatsen in de belevingswereld van de mensen die lid zijn. De organisatie moet een irrationele, gevoelsmatige dimensie aan het lidmaatschap geven.


1) DELEN: Zorg voor een gemeenschappelijk onderbuikgevoel, een beleving, een goede zaak (denk hierbij aan het “Oranjegevoel” bij grotere evenementen (EK, WK, O.S.)
2) SYMPATHISANTEN: Probeer de publieke opinie te beïnvloeden, zorg voor fans, zorg dat bij een grotere groep “Hart en Geest” op dezelfde lijn zitten.
3) ONGEBONDENHEID: Leg geen dwingende eisen voor het lidmaatschap neer; laat een (potentieel) lid zich aansluiten bij (enkele) gedeelde doelstellingen.
4) PERSOONLIJK STATEMENT: Een (potentieel) lid wil zich aansluiten en daarin zijn erkenning (en herkenning) vinden.
5) TRANSFORMEER VAN HARD NAAR HART.

De matrix binnen een vereniging:
Zoals Frans Huizenga en Peter Tack in 2005 al in hun boek "Architectuur van Verenigingen" aangaven hebben branche- en beroepsverenigingen een eigen organisatorische architectuur. De relatie tussen de leden en het professionele verenigingsmanagers staat hierin centraal. De professionele inbreng is noodzakelijk om de ambities van de vereniging te verwezenlijken, maar de inbreng en betrokkenheid van de leden (en bestuurders) is van wezenlijk belang. Elke vereniging verkeert in een eigen stadium van het door Tack en Huizenga geschetste professionaliseringsmodel. Aan de hand van een zandlopermodel (democratie) en vakspecialismen (betrokkenheid) kan de matrix van de vereniging inzichtelijk gemaakt worden.

 

Vitaliteitsfase van een organisatie:
Op basis van twee hoofdvariabelen (marktaandeel en groei) kunnen we de status van een branche- of beroepsvereniging inschalen:
- marktaandeel klein en groei groot
- marktaandeel groot en groei groot
- marktaandeel groot en groei klein
- marktaandeel klein en groei klein
Bij elk van deze typen behoren bepaalde kenmerken qua management en vitaliteit en elk vraagt zijn eigen beleid m.b.t. een plan van aanpak. Tijdelijke ondersteuning van het verenigingsmanagement of op een aanpak op projectbasis kan een stap zijn in de richting waarheen u met uw organisatie wenst te gaan.